Dyslexieonderzoek

Bij kinderen met dyslexie blijft de lees- en/of spellingontwikkeling achter. Dit kan grote gevolgen hebben voor het welbevinden van het kind op school en kan van invloed zijn op de prestaties van het kind.

De Stichting Dyslexie Nederland (SDN) omschrijft dyslexie als volgt:

“Dyslexie is een specifieke leerstoornis die zich kenmerkt door een hardnekkig probleem in het aanleren van accuraat en vlot lezen en/of spellen op woordniveau, dat niet het gevolg is van omgevingsfactoren en/of een lichamelijke, neurologische of algemene verstandelijke beperking.” (SDN, 2016).

De SDN verklaart deze omschrijving aan de hand van drie criteria. Deze criteria worden door Bij Marla gehanteerd voor het vaststellen van dyslexie. Het zijn de volgende criteria:

  1. Probleem. Het niveau van het lezen of spellen op woordniveau is duidelijk lager dan wat verwacht mag worden van het kind op basis van zijn of haar leeftijd.
  2. Hardnekkig. Hardnekkig betekent dat het probleem met lezen en/of spellen minstens zes maanden aanwezig moet zijn. Het probleem moet, ondanks goede ondersteuning op school naast de reguliere ondersteuning, blijven bestaan. Dit wordt ook wel didactische resistentie genoemd. Het kind is ‘resistent’ voor goede ondersteuning.
  3. Exclusiefactoren. De SDN omschrijft een aantal factoren waardoor dyslexie niet kan worden vastgesteld. Deze factoren moeten worden uitgesloten. Hieronder vallen bijvoorbeeld een lagere intelligentie (IQ<70), doof-/slechthorendheid of blind-/slechtziendheid.

Dyslexieonderzoek bij Bij Marla

Wanneer u uw kind aanmeldt voor dyslexieonderzoek, is het aan Bij Marla om na te gaan of uw kind ‘voldoet’ aan de criteria zoals hierboven beschreven. Het onderzoek naar deze criteria bestaat uit een aantal stappen die hieronder zullen worden beschreven.

Aan het begin van het traject wordt een intakegesprek gevoerd. Tijdens het intakegesprek wordt de situatie in kaart gebracht. Ook wordt u gevraagd om toestemming voor contact met de school. Dit contact is belangrijk, omdat duidelijk moet worden beschreven welke ondersteuning is geboden en welke resultaten er geboekt zijn met deze ondersteuning. Na toestemming voor het onderzoek door alle gezaghebbende ouders of opvoeders, kan het onderzoek worden gestart.

Het onderzoek start met een intelligentieonderzoek. Dit onderzoek is nodig om vast te stellen wat het algemeen cognitieve niveau van functioneren is. Het intelligentieonderzoek vindt nooit op dezelfde dag plaats als het dyslexieonderzoek, in verband met de belasting van het kind. Het uitvoeren van het intelligentieonderzoek kost gemiddeld twee tot tweeënhalf uur.

Na het intelligentieonderzoek zal in een vervolgafspraak het dyslexieonderzoek plaats vinden. Het dyslexieonderzoek bestaat uit verschillende (genormeerde en gestandaardiseerde) testen voor bijvoorbeeld het op tempo lezen van woorden en pseudowoorden (niet-bestaande woorden), een dictee en algemene benoemsnelheid. Het uitvoeren van het dyslexieonderzoek kost gemiddeld anderhalf tot twee uur.

Na beide onderzoeken wordt een verslag opgesteld van zowel het intelligentieonderzoek als het dyslexieonderzoek. Wanneer blijkt dat dyslexie kan worden vastgesteld, wordt ook een dyslexieverklaring opgesteld. De uitkomsten en de verslagen van de onderzoeken kunnen worden besproken in een adviesgesprek (max. 60 minuten) met u en desgewenst samen met de school van uw kind.